Page 70

RaboWijzer 2017 12

Door de ogen van Voordelen van vrijhandel worden vooral op macroniveau gevoeld Specialisatie en handel zijn zo oud als de mensheid. Mensen hadden al heel vroeg door dat zij verschillende vaardigheden hadden. Het begon als specialisatie tussen individuen, daarna tussen gemeenschappen, bedrijven, steden en uiteindelijk landen. Vrijhandel tussen landen is geen zogeheten zero-sum game, maar werkt welvaartsverhogend voor alle betrokken landen. Als ieder land zich specialiseert in de productie van die goederen of diensten waarin het het beste is (economen spreken dan van een comparatief concurrentievoordeel), stijgt de mondiale productiviteit. Ook handel tussen landen met een onderling sterk uiteenlopend welvaartsniveau kan dus voor alle landen voordelig zijn. Toch is vrijhandel niet populair. Dit komt doordat de voordelen ervan vooral op macroniveau worden gevoeld, maar de ervaring op de werkvloer kan heel anders zijn. Specialisatie op de activiteiten waarin een land het beste is, betekent ook het afstoten of laten krimpen van nietproductieve activiteiten. Zo heeft ons land in de tweede helft van de vorige eeuw afscheid moeten nemen van grote delen van onder meer de zware scheepsbouw en de vliegtuigindustrie. Toch is ons land voor wat betreft het inkomen per hoofd van de bevolking veel welvarender geworden. Dus macro economisch gingen we erop vooruit, maar menig oud-medewerker van Verolme of Fokker denkt nog steeds met weemoed terug aan het moment waarop zijn toenmalige werkgever de poorten moest sluiten. Dat is precies de kern van het probleem van vrijhandel. De voordelen ervan komen in beginsel iedereen ten goede, maar zijn over alle inwoners verspreid en worden daardoor vaak niet als zodanig herkend. De nadelen komen vaak terecht bij een relatief kleine, maar zeer zichtbare groep mensen en zijn voor hen direct voelbaar. Zo profiteert iedere Nederlander van de lage transportkosten die bijdragen om het kostenniveau van producten of diensten (zoals vakanties) laag te houden. Maar de bus- of vrachtwagenchauffeur die zijn baan kwijtraakt aan een Poolse of Roemeense collega heeft daar geen boodschap aan. Protectionisme is het spiegelbeeld van vrijhandel. De voordelen zijn direct zichtbaar, bijvoorbeeld als er banen in een niet-competitieve industrie worden ‘gered’, maar geconcentreerd bij een kleine groep. De nadelen in de vorm van minder welvaart worden over iedereen uitgesmeerd. Protectionisme is een recept voor economische rampspoed. De in de jaren dertig van de vorige eeuw veel gehoorde leus ‘koopt Nederlandsche waar, dan helpen wij elkaar’ illustreert het protectionisme dat toen wereldwijd post had gevat. Het probleem was dat de grensoverschrijdende handel instortte toen consumenten in alle landen deze houding aannamen. De depressie van de jaren dertig was er Dr. Wim Boonstra (1958) is Speciaal Economisch Adviseur bij RaboResearch en bijzonder hoogleraar Economische en Monetaire Politiek aan de VU te Amsterdam. 70


RaboWijzer 2017 12
To see the actual publication please follow the link above