Page 75

RaboWijzer 2017 12

hun verzamelaars. Je kunt duidelijke afspraken maken over wat er met het museale deel van je collectie gebeurt en de verkoop van de niet-museale stukken organiseren ten behoeve van een eigen fonds bij het museum of het Prins Bernhard Cultuurfonds. Je hebt ook musea zonder eigen collecties, zoals de Kunsthal, waarmee je kunt samenwerken.’ Van Caldenborgh koos een eigen museum. Wat waren de voorbeelden? Swarts noemt het bijna zestig jaar oude Museum Louisiana, een half- uurtje van Kopenhagen, Fondation Beyeler in Basel, de Menil Collection in Houston, Naoshima in Japan en The Broad Museum in Los Angeles. Het zijn musea met honderdduizenden bezoekers, maar aantallen zijn voor Swarts geen onderwerp van gesprek. Hoeveel objecten de collectie exact bevat (‘enkele duizenden’), hoeveel mensen er tot nu toe geweest zijn in het museum (‘we zijn heel blij met de aantallen tot nu toe’) en wat het project Museum Voorlinden heeft gekost, dat wil zij allemaal niet vertellen. ‘Grote aantallen zijn interessant voor de exploitatie, maar het gaat om de kwaliteit. We wilden een museum dat iets groter is dan een voetbalveld, we wilden een menselijke maat, we wilden ook een daglichtmuseum. Ongeveer zeventig procent is van glas. Ook wilden we onze eigen tentoonstellingen kunnen maken, waarbij we de kunsthistorische kaders niet streng hoeven te volgen. We willen daaraan voorbijgaan, we verzamelen ook uit onze onderbuik.’ Wat anders is dan bij een normaal museum, is volgens Swarts het persoonlijke: ‘Als ik in het weekend in de rol van ‘bezoeker’ kruip en met mijn dochter van drie door het museum wandel, dan beluister ik vooral dat het publiek de menselijke maat, het persoonlijke en de informele sfeer waardeert. Dat merken we ook aan al de brieven en mails die we van voor ons onbekende bezoekers ontvangen. Hier komen allerlei verschillende typen museumbezoekers met allemaal eigen redenen. We hebben opvallend veel jongeren, Het kanonschot, Willem van de Velde (II), ca. 1680 ‘Met een paar miljoen en een collectie open je nog geen eigen museum’ we hebben academici, zen-bezoekers die voor de rust komen en kleine kinderen komen graag omdat ze gehoord hebben over het zwembad waar je onder kunt lopen en de reuzenpoppen.’ Voorlinden laat de mensen niet gratis naar binnen, maar vraagt 15 euro entree. Is er een businessmodel? ‘Het museum houdt zijn eigen broek op. Wij doen het hier met een kleine staf van elf mensen en een uitgebreide staf Beelden uit museum Voorlinden. V.l.n.r. Roni Horn (1955, zonder titel), Ron Mueck (1958) Couple under an umbrella (2013), diverse werken, Maurizio Cattelan (1960, zonder titel), buitengevel museum Voorlinden. Foto's: Antoine van Kaam, Pietro Savorelli van iets meer dan honderd mensen, allemaal in dienst. Zodra we de ANBIstatus hebben zal Joop het land, het museum en de collectie direct schenken aan de stichting. Met de ticketverkoop, de winkel en het restaurant zijn we goed renderend. We hebben daarnaast ook een selecte groep van goede vrienden. Dat zijn mensen die een substantiële gift doen voor wie we een interessant programma maken.’ Wijzer · Rabobank Private Banking 75


RaboWijzer 2017 12
To see the actual publication please follow the link above